Vat № 08

Vanaf heden exclusief verkrijgbaar: Vat № 08

 

Vat nr. 08
Zierikzee 1649, 05:00 een midzomernacht op de Schuithaven.
Midden in de nacht wordt een smokkelaar betrapt, er ontstaat
een verstikkende situatie en beiden kunnen niet meer dan
doorgaan en afwachten. Het is de tijd, de smokkelwaar, de
motivatie. Wil jij het gehele verhaal weten? Lees hier het verhaal
achter het bier.


Zierikzee 1649, vanaf de Verrenieuwstraat
was het dichtbij.. zijn werk. Sjouwen, tillen,
laden en lossen. Van 5 uur ’s morgens tot
’s avonds laat op de haven en dat al vanaf
zijn 10e jaar. En nu al jaren onder de ogen
van zijn 2 broers, die op hem neer keken vanuit
het hoge gevang aan de haven.
Johannes werd het eerst betrapt,
terwijl hij met een volle jutten zak met specerijen
de stad wilde verlaten. Het leek wel alsof
iemand hem bespiedt had en hem opwachtte.

Pieter ging het net zo af, alleen was hij betrapt
tijdens het vals spelen tijdens een potje
kaarten in de plaatselijke taveerne…
Die taveerne… en alsof het gisteren
gebeurde, was hij weer 12 jaar en mocht
met Pieter mee… Hij voelde zich een
hele kerel, samen met zijn oudere broer,
kijkend naar drinkende sterke stoere
mannen. De mannen dronken bier nr 08!
Hét bier. Maar ook kwam hij voor Cathelijne.
De dochter van de waard. Met haar
prachtige lach, blonde lokken en de
getinte huid na een paar jaar Spanje.

Het is een warme midzomernacht.
Met bonzend hart denkt Jacob aan zijn
toekomst, terwijl hij stilletjes in het
spuigat aan de Schuithaven verdwijnt.
Overdag diende deze om de haven schoon
te spuiten, maar niemand durfde de stroming
aan om er ook echt ín te gaan. Koud was het
niet en het water was alsof je een lauw
bad nam. Met zijn imposante gespierde
getatoeëerde lichaam trok hij de vatennaar
zich toe. De vaten waren tot de
rand gevuld en lomp zwaar. Het bier was
nog steeds erg populair. Denkend aan
zijn toekomst als scheepstimmer, zou
hij eindelijk een geschikte kandidaat
voor Cathelijne zijn… Nu moest hij
zomer en winter deze gevaarlijke klus klaren,
als tegenprestatie voor een tijd samen met
zijn Cathelijne.


Jorgé was een jonge matroos die met
verlof aan wal was. Tegen wil en dank
had hij te diep in het glaasje gekeken en
was in dit mooie zomerse weer in slaap
gevallen tegen een van de bomen van
de Schuithaven. Zijn reis van Spanje
naar de Nederlanden zat erop en het
was een woeste zee geweest. Voor het
eerst had hij zijn ouders verlaten en
wilde hij geld verdienen aan boord van
een van de koopvaardij schepen van de
koning. Terwijl de nacht het overnam
van de dag kwam er een lichte bries
opzetten die heerlijke verkoeling met
zich meebracht. Iedereen was al diep
in slaap en er waren, op wat ratten na,
geen bewegende schimmen of geluiden.
Terwijl Jorgé aan het dagdromen was
over zijn Spaanse land, merkte hij dat er
beweging in de duisternis was.


Jorgé zag het duidelijk, een grote
schim die uit de grond leek te komen.
Wat moest hij doen? Kon hij zijn zintuigen
wel vertrouwen? Hij wist het zeker;
het is de duivel die mij komt halen!
Wegrennen ging niet meer, de
schim was op 2 meter afstand en kwam
met kolkende geluiden omhoog. Hij leek
in de schemering van de lantaarnpaal
wel 2 meter! De schim klom op de
kade en leek dit vanuit één vloeiende
beweging te kunnen. Behendig maakte
hij flinke passen richting de huizen.
Jorgé ervaarde paniek vanwege deze
souplesse, wat betekende dat dit een bijzonder
sterke gedaante moet zijn. Uit angst
en in paniek deed hij de enige mogelijke
oplossing, zich slapend houden.

Stralen zweet gutste langs zijn hoofd,
hij zal dit zien en mij doodslaan…Maar
de voetstappen keerden niet terug
en zodra Jorgé merkte dat hij niet
gezien was, durfde hij te kijken. Door
de spleetjes van zijn ogen zag hij het
gestalte van hem weglopen en iets met
zich mee sjouwend. Toen hij beter keek
zag hij dat het geen duivel was, maar
een gespierde bebaarde man, die wel
2 vaten droeg! Een luik ging open, er was
gerommel, gedempte stemmen. Hij hoorde een vrouw,
een oudere mannenstem, een pittige woordenwisseling
en weg was de man. Hij kon nog net een silhouet zien
die duidelijk minder soepel dan eerder via de
Nobel Straat verdween.

Jacob keek op de klok, het tijdstip was
belangrijk, nu in de zomer was er weinig
duisternis en hij mocht niet gezien
worden. De kade was koel en voelde
vertrouwd onder zijn voeten.

Hij was zenuwachtig om haar te zien
en snelde naar het huis nr.8. In zijn
ooghoeken en veel te laat zag hij een
dronkaard liggen. Hij onderdrukte een
vloek en snelde naar het huis. Hij had
voorzichtiger moeten zijn! Hij kon herkend
worden en in de gevangenis eindigen.
En dat zou betekenen dat alles stopte,
zijn opleiding tot scheepstimmer, de kans om
Cathelijne te trouwen en zijn werk als sjouwer.

Eenmaal binnen kon Jacob zijn oren niet geloven . Zei
haar vader dat nu echt? Na alles wat
hij voor hem gedaan had?! Als de stilte
voor de storm zette hij de vaten neer….

Een half jaar later

Jorgé was een winter ouder toen hij
aan wal stapte op de Nieuwe haven. Het
schip waar hij mee vaarde was een stuk
groter en had meer diepgang dan het
vorige. Hierdoor kon het niet verder de
oude haven invaren. Jorgé had dankzij
dit schip veel van de wereld gezien en
was geïnspireerd en vol verwachtingen.
Al lopend door de stad had hij fantasieën
over een geheime plek in Zierikzee
waar alles kon…Vanaf de Dam zag hij de
Schuithaven voor zich. Er leek niets veranderd
in die paar maanden tijd, maar toen hij op
de schuithaven zelf stond…..

Sprakeloos bleef hij staan, want wat hij aantrof had
zelfs hij niet verwacht. Voor hem was
alles met oud hout dichtgetimmerd.  De
gaten in de planken gaven huisvesting aan

een hele grote kolonie ratten. Jorgé
zat vol vragen. Verlaten?? Hoezo? Hij
heeft nog een paar maanden geleden
een actieve smokkellaar betrapt!
Vermoord zei de kapitein. Ze denken
uit liefde. En Jorgé begon stilletjes alle
puzzelstukjes in elkaar te zetten…


In een brief aan de commissaris van de
koning heeft Cathelijne uitgelegd dat er
een actieve smokkelroute was tussen
Zierikzee en Spanje. En dat Cathelijne,
in ruil voor 5 jaar bier, was uitgehuwelijkt

aan die Spaanse leverancier.
Jacob en Cathelijne waren duidelijk het
slachtoffer geworden van misleiding. De
echte dader was haar vader…
En Jorgé …. Die kwam er stilletjes achter
dat hij onbewust de aanstichter was,
helemaal toen hij in de schepenwerven
een bekend silhouet zag…


Zierikzee eeuwen later

De schuithaven ligt er net zo bij als toen.
Ook de nieuwe Haven, de Dam en de gevangenis.
Eigenlijk is alleen het water bij de Schuithaven en
een gedeelte van de oude haven gedempt.
In de jaren 90 is het spuigat herontdekt.
En in 2016 tijdens opruim werkzaamheden
in Grand Café ’t Genot een vat….

 

 

Zirizea

Zirizea

http://www.het-genot.nl/assets/cache/data/restaurant-in-beeld/DSC_0045-max-w1280.jpg
Meer info